Minder padden geteld in Stolwijk, inzet vrijwilligers blijft onmisbaar

Stolwijk, mei 2026 – Tijdens de paddentrek van 2026 zijn in Stolwijk 176 amfibieën veilig overgezet op twee locaties langs de Bovenkerkseweg en Goudseweg. Dit is minder dan in voorgaande jaren.

De daling past in een breder beeld van een droog voorjaar, waardoor amfibieën waarschijnlijk minder massaal trokken. Tegelijkertijd is er,  ondanks het plaatsen van verkeersborden door de gemeente Krimpenerwaard en de inzet van vrijwilligers, sprake van een relatief hoog sterftepercentage, vooral onder  kikkers (26%) en salamanders (+29).
Ondanks de lagere aantallen overgezette dieren blijven deze locaties belangrijk om populaties te monitoren en te beschermen. Vrijwilligers uit (de omgeving van) Stolwijk speelden hierbij een cruciale rol.

Wil je meer informatie of volgend jaar helpen? Kijk op www.dierenbescherming.nl/paddentrek

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: Pamela Zaat / T 088 811 3956 / paddentrekzuidwest@dierenbescherming.nl

Foto header: pad in de hand, foto Pamela Zaat

Knotgroep Krimpen trots op vrijwilligers

“We zijn er trots op dat Jos de Nood en Bert Verveer zijn onderscheiden voor hun jarenlange werk in het veld en op de achtergrond als bestuurder. Maar eigenlijk verdienen al onze vrijwilligers een lintje voor hun inzet tijdens de knot- en snoeidagen. Deze koninklijke onderscheiding zien we als een mooie persoonlijke waardering voor Jos en Bert, én als een compliment aan de gehele groep die zich inzet voor de natuur in de Krimpenerwaard”, aldus voorzitter Yolande Nederveen.

Met een list werden beide heren naar het Raadhuis van Krimpen aan den IJssel gelokt alwaar de burgemeester hun opwachtte. In bijzijn van familie en vertegenwoordigers van het bestuur van de knotgroep werden zij Koninklijk onderscheiden als beloning voor hun belangeloze en vrijwillige inzet. Tijdens het knotseizoen werken ze met veel inzet en plezier op verschillende locaties in en om Krimpen aan den IJssel. Daarnaast investeren ze menig uurtje in de voorbereidingen voor het nieuwe seizoen en in het onderhoud van het materiaal. Sinds kort hebben Jos en Bert -inmiddels 80-plussers –  een stapje terug gedaan en hun bestuurstaken overgedragen aan de jongere garde. Maar ook in het nieuwe seizoen dat in november begint, zullen zij ongetwijfeld weer hun mannetje in het veld staan.    

In de jaren zeventig ging het slecht met de knotwilg. De boeren hadden door schaalvergroting weinig tijd voor onderhoud en ook aan het nut van behoud werd getwijfeld. Zodoende dreigde de knotwilg uit het polderlandschap te verdwijnen. Jos de Nood en met hem velen, zagen het verval met lede ogen aan. Er ontstonden in die periode tal van initiatieven om de knotwilg voor het Nederlands landschap te behouden. Jos de Nood nam deze taak in de Krimpenerwaard voor zijn rekening. Samen met een enthousiaste groep natuurliefhebbers verzorgde hij op een aantal percelen het onderhoud aan de knotwilg. “De vrijwilligers hielden in de eerste plaats van het werken in de buitenlucht. Dat een ieder na de gedane arbeid wat hout voor de openhaard mocht meenemen, heeft ook aan de goede opkomst bijgedragen”, memoreert Jos de Nood.   Ruim vijftig jaar later zijn er nog steeds veel vrijwilligers met een groen hart. Zij ontdoen tijdens de wintermaanden talloze wilgen van hun takken, zodat in het voorjaar de insecten zich er kunnen voeden en de vogels zich er kunnen nestelen. En niet onbelangrijk, de natuurliefhebber kan blijven genieten van deze karakteristieke boom met zijn knoestige stam en grillige vorm. 

Nieuwsbrief uilenwerkgroep

Het broedseizoen 2026 staat voor de deur of is misschien zelfs al begonnen. In deze nieuwsbrief kijken we terug op het afgelopen broedseizoen, kijken we vooruit op het nieuwe broedseizoen en gaan we in op de nieuwste ontwikkelingen waar de uilenwerkgroep NVWK zich mee bezig houdt. Zo zijn we zijn bezig met het bescherming van uilenkasten tegen andere dieren en met de beoogde terugkeer van de steenuil in de Krimpenerwaard.

Hieronder kun je de nieuwsbrief 2026 van uilenwerkgroep downloaden, Met dank aan Robbert en Roel voor hun bijdrage.In de bijlage vind je, de nieuwsbrief 2026 van onze NVWK-uilenwerkgroep, met dank aan Robbert en Roel voor hun bijdrage.

Foto header: extra beschermende steenuilenkast door Ton Bos

Rechter wijst eisen in PFAS‑zaak af

Natuur en Mileufederatie Zuid-Holland: De rechtbank in Den Haag heeft de eisen afgewezen in de PFAS‑rechtszaak die wij samen met partners als Gezond Water in 2025 aanspanden tegen de Nederlandse Staat. Daarmee oordeelt de rechtbank dat de Staat juridisch niet verplicht kan worden gehouden om verdergaande maatregelen te nemen tegen PFAS‑vervuiling. Deze uitspraak laat een pijnlijk gat zien tussen wat wetenschappelijk noodzakelijk is voor de volksgezondheid en wat juridisch afdwingbaar blijkt.

Teleurstelling en blijvende bezorgdheid

We zijn als eisers enorm teleurgesteld over de uitspraak. En heel erg bezorgd. Want met deze uitspraak wordt de schijn gewekt dat de Staat al genoeg doet tegen PFAS. Wat ons betreft is dat zeker niet het geval. De Staat houdt zich aan de, mede door haarzelf vastgestelde, regels. Maar die zijn niet houdbaar, niet nu we weten dat iedere Nederlander PFAS in zijn lichaam heeft en daar ernstig ziek van kan worden. PFAS breken niet af en stapelen zich op; daardoor geven ze een onomkeerbaar risico voor de volksgezondheid. We rijden met dit probleem als het ware met 140 km/uur door de bebouwde kom.

PFAS: een risico waar niemand aan kan ontsnappen

Vrijwel alle Nederlanders hebben inmiddels PFAS-waarden in hun bloed die boven de gezondheidskundige grens liggen. Blootstelling vindt plaats via drinkwater en voedsel, routes waar mensen zichzelf nauwelijks tegen kunnen beschermen. Iedere dag zonder doortastend beleid betekent meer vervuiling, grotere gezondheidsrisico’s en hogere kosten voor toekomstige sanering.

Rechter volgt bestaand kader, niet wetenschappelijke urgentie

In de rechtszaak vroegen wij de rechter om de Staat te verplichten verdere PFAS‑vervuiling per direct te stoppen, geen vergunningen meer te verlenen voor lozingen, bestaande en historische vervuiling in kaart te brengen en op te ruimen. En de Staat moet voldoen aan de Europese waterkwaliteitsnormen. Voor deze kwaliteitsnormen heeft ze nu al uitstel gevraagd. Als die niet wordt toegekend, dan handelt ze in strijd met de wet. De rechtbank oordeelt echter dat de Staat nu nog binnen het huidige juridische kader voldoende doet. De rechter stelt óók dat de Staat al decennialang weet van de schadelijkheid en persistentie van PFAS. Deze uitspraak betekent niet dat het risico verdwijnt, alleen dat het recht op dit moment onvoldoende bescherming biedt.

Wetenschap is helder, beleid blijft achter

Al in 2002 concludeerde de OESO dat PFAS persistent is en het risico op ernstige ziekten als blaaskanker verhoogt. Recent onderzoek van de European Environment Agency (2024) laat zien dat in een groot deel van de Europese kust‑ en overgangswateren de normen structureel worden overschreden. Toch blijft effectief ingrijpen uit. Dat spanningsveld tussen kennis en actie wordt door deze uitspraak opnieuw zichtbaar.

Dit oordeel ontslaat de Staat niet van verantwoordelijkheid

Dat de rechtbank het verweer van de Staat volgt, betekent niet dat ze geen morele of maatschappelijke plicht heeft om burgers en natuur beter te beschermen. Integendeel: juist nu is politieke moed nodig om de wetgeving aan te scherpen en verdere vervuiling te stoppen. Economische belangen mogen nooit belangrijker zijn dan mensenrechten, zoals een gezonde omgeving.

Vervolgstappen

Deze uitspraak is teleurstellend, maar geen eindpunt. Er staat te veel op het spel om PFAS als onvermijdelijk te accepteren. Wij beraden ons op vervolgstappen, waaronder een mogelijk hoger beroep, en blijven ons inzetten voor structurele bescherming van gezondheid en milieu.

Teken voor een PFAS-vrije wereld
Zolang PFAS een plek heeft in onze leefomgeving blijven mensen zich uitspreken en organiseren wij ons samen om druk te blijven uitoefenen. Word onderdeel van deze beweging. Ga naar www.StopPFAS.nl en teken voor een PFAS-vrije wereld. Zie het PFAS-filmpje:

2025 is het Jaar van de woelmuis

Dé woelmuis bestaat niet. In Nederland leven wel vijf soorten woelmuizen. Hieronder zijn hele algemene soorten zoals de veldmuis, maar ook de zeer zeldzame noordse woelmuis. De Zoogdiervereniging vraagt in 2025 aandacht voor alle verschillende woelmuissoorten en laat zien hoe leuk, bijzonder en nuttig deze kleine zoogdieren zijn.

Woelmuizen spelen een grote rol in onze natuur. Waarom en hoe is bij veel mensen onbekend. Daarom laat de Zoogdiervereniging in 2025 zien waarom woelmuizen belangrijk zijn, hoe je ze kan herkennen en waar je welke soort kan aantreffen. De ene soort houdt van ‘ruig’, de andere van groots en weids, de volgende juist van kleinschalig en knus. Dit jaar kom je het allemaal te weten.

Het belangrijkste is wellicht dat woelmuizen het voornaamste voedsel zijn voor veel roofdieren en roofvogels. Vrijwel alle roofdieren en roofvogels zijn afhankelijk van een gezonde en vooral grote populatie woelmuizen. De aanwezigheid van grote aantallen woelmuizen heeft direct effect op het broedsucces of het aantal jongen dat het eerste levensjaar overleefd. Veel woelmuizen betekent veel wezels en hermelijnen, maar bijvoorbeeld ook veel kerkuilen en torenvalken. Gaat het goed met de woelmuizen, dan gaat het ook goed met veel andere soorten.

Woelmuissoorten

In Nederland komen vijf verschillende soorten woelmuizen voor. Dat zijn de aardmuis, de noordse woelmuis, de ondergrondse woelmuis, de rosse woelmuis en de veldmuis. Deze vijf soorten lijken uiterlijk heel erg op elkaar: ze hebben allemaal kleine oren en een korte staart. Alleen specialisten kunnen de soorten makkelijk uit elkaar houden.

De plek waar je een woelmuis ziet, vangt of vindt is vaak een goede aanwijzing over de soort. Zo houden veldmuizen van droge, ruige weilanden, de noordse woelmuis van natte rietlanden, de aardmuis van ruige heideterreinen, de ondergrondse woelmuis vind je langs spoorlijnen, op dijken en in graften en de rosse woelmuis tref je eerder aan in je achtertuin of het park of bos in de buurt. Tijdens het Jaar van de woelmuis stellen we de verschillende woelmuizen uitgebreider voor en zullen we meer over hun specifieke eigenschappen en leefgebieden vertellen en laten zien.

In Nederland leeft een aparte ondersoort van de noordse woelmuis, die nergens anders ter wereld voorkomt

In Nederland leeft een aparte ondersoort van de noordse woelmuis, die nergens anders ter wereld voorkomt (Bron: Wesley Overman)

Onderzoek

Tijdens het Jaar van de woelmuis delen we ook meer over de onderzoeken naar verschillende woelmuissoorten of hoe je de soorten kan monitoren. Je kan woelmuizen monitoren met inloopvallen, je kan echter ook keutels gaan zoeken voor DNA-analyses of (kerkuil)braakballen pluizen om erachter te komen welke woelmuizen er in een gebied voorkomen. Met werkgroepen en vrijwilligers organiseren we door het hele land activiteiten, waaronder het ‘Nationale kampioenschap woelmuizen pluizen’. En we werken samen met Sovon en Vogelbescherming in het kader van het Jaar van de Torenvalk, immers, het favoriete voedsel van de torenvalk is een lekker woelmuisje!

Bron; zoogdiervereniging

Foto header; Wesley Overman

Doe mee aan de Nationale Tuinvogeltelling van Vogelbescherming


Van 24 tot en met 26 januari 2025 is het weer zover: de jaarlijkse Nationale Tuinvogeltelling van Vogelbescherming Nederland. Dit jaar vindt de 22e editie plaats. De telling is ondertussen een begrip. Zo namen vorig jaar maar liefst 114.000 mensen deel door een half uurtje vogels te tellen in hun tuin of op het balkon.
Sinds de start van de telling in 2003 heeft Vogelbescherming Nederland een steeds beter beeld gekregen van de vogelpopulaties in de winter rondom onze tuinen en balkons. Deze informatie is van groot belang voor de bescherming van vogels.

Vogels verdwijnen uit onze tuinen
De Nationale Tuinvogeltelling levert waardevolle inzichten over de vogelsoorten die het moeilijk hebben in de stad. Het blijkt dat de huismus nauwelijks meer in de Randstad te zien is, dat het aantal merels in tuinen afneemt en dat de spreeuw langzaam uit Nederland verdwijnt. Dit heeft onder andere te maken met het verdwijnen van groene heggen – deze maken vaak plaats voor houten schuttingen – en het vervangen van rommelhoekjes en inheemse struiken door tegels. Deze veranderingen zorgen ervoor dat vogels steeds minder plekken vinden voor voedsel en schuilplaatsen, wat hun overlevingskansen in de stad verkleint. Het aantal versteende buurten is de afgelopen vijf jaar met bijna acht procent toegenomen.

Vogelvriendelijk inrichten
Vogelbescherming helpt groenbeheerders en particulieren met het vogelvriendelijk inrichten van onze steden. Het herstel van natuur in de stad is niet alleen belangrijk voor vogels, maar ook voor onze eigen fysieke en mentale gezondheid.

Waardevolle informatie
De Nationale Tuinvogeltelling is het grootste burgeronderzoek van Nederland. Door de langdurige en jaarlijkse herhaling verzamelt Vogelbescherming waardevolle gegevens over de vogels. Dankzij de enorme deelnemersaantallen kunnen we trends en ontwikkelingen ontdekken, zoals de afname van het aantal merels. Dat het slechter gaat met de merels, is duidelijk te zien in de telling. Het aantal merels per tuin daalde de afgelopen jaren van gemiddeld bijna vier, naar twee. Ook zijn de weersomstandigheden van invloed op de resultaten. Hoe kouder het is, hoe meer spechten en roofvogels gezien worden.

Doe mee
Meedoen is eenvoudig: tel gedurende een half uurtje de vogels in je tuin of op het balkon op vrijdag 24, zaterdag 25 of zondag 26 januari. Meld de resultaten op Tuinvogeltelling.nl. De handige webapp Mijntuinvogeltelling.nl helpt bij het herkennen van de vogelsoorten. Aan de hand van foto’s en een vragenlijst kunnen deelnemers de vogels eenvoudig benoemen. Via de app kunnen de resultaten direct worden doorgegeven. Op zondagavond maakt Vogelbescherming Nederland de top tien van meest getelde vogels bekend.

Samen kunnen we bijdragen aan de bescherming van vogels in de tuin of op het balkon. Meld je alvast aan en wees perfect voorbereid op de Tuinvogeltelling 2025. Ook kun je je opgeven voor de nieuwsbrief van Vogelbescherming met acties, herkenningstips, nieuws, vogelweetjes en praktische tuin- en voertips. Elke vogel telt!

Tekst: Vogelbescherming Nederland

Foto header: merel door Huig Bouter

Madeliefje winnaar Eindejaars Plantenjacht 2024

FLORON

Vorige week organiseerde FLORON de Eindejaars Plantenjacht, traditiegetrouw voor het elfde jaar op rij. Een telling met als doel een beter beeld te krijgen van de effecten van klimaatverandering op de plantengroei. Plantenliefhebbers gingen tussen eerste kerstdag en 3 januari op zoek naar bloeiende planten. In totaal vonden zij 656 plantensoorten en gemiddeld ongeveer 15 soorten per telling.

FLORON vroeg plantenliefhebbers om tussen eerste kerstdag en 3 januari een uur te gaan wandelen en te zoeken naar bloeiende planten. In totaal werden 656 wilde of verwilderde plantensoorten bloeiend waargenomen. In de top 3 staan Madeliefje (1074 keer geteld), Straatgras (912) en Klein kruiskruid (814). 

Top tien winterbloeiers

De top tien van meest gevonden winterbloeiers bestaat, net als eerdere jaren, uit soorten die het grootste deel van het jaar of jaarrond bloeien. Tijdens milde winters of op zonnige en windluwe plekken zijn deze soorten in staat hun najaarsbloei te rekken.

Top tien
1.    Madeliefje
2.    Straatgras
3.    Klein kruiskruid
4.    Paarse dovenetel
5.    Paardenbloem
6.    Vogelmuur
7.    Gewone melkdistel
8.    Herderstasje
9.    Gewone kropaar
10.  Duizendblad

Ook in tuinen werd gezocht naar winterbloeiers. De top drie van winterbloeiers in tuinen bestaat uit Madeliefje, Straatgras en Klimop. 

Veel winterbloeiers door zachte winter

Omdat dit al de elfde editie is van de Eindejaars Plantenjacht, hebben we een steeds beter beeld van de effecten van het weer op de plantengroei. Als we terugblikken op december, dan hadden we af en toe nachtvorst en slechts dertig zonuren. Met een gemiddelde temperatuur van 6,1 graden was deze decembermaand vrij zacht, vergelijkbaar met 2023 (6,9) en 2018 (6,1). Door het zachte weer bleven veel planten, zoals de Gewone melkdistel, Scherpe boterbloem en Rode klaver, doorbloeien. Het jaar 2015 is nog altijd het recordjaar sinds het bestaan van de Eindejaars Plantenjacht en 2024 eindigde op de derde plek van de beste jaren voor winterbloeiers sinds de start van de tellingen.

Klein kruiskruid eindigde op de derde plek

Klein kruiskruid eindigde op de derde plek (Bron: Stef van Walsum)

Veel tellingen ondanks grauwe jaarwisseling

Gemiddeld vonden deelnemers 15,1 soorten per telling. De korte vorstperiode in november heeft veel bloeiende planten de das om gedaan. Zo verdwenen knopkruid en vergeet-mij-nietjes onmiddelijk. Paarse dovenetel en Klein kruiskruid leken zich van de kou weinig aan te trekken. 

Gedurende de telling waren de weersomstandigheden zacht, maar ook vooral grauw en winderig. Toch lieten de deelnemers zich niet uit het veld slaan, ondanks de mindere weeromstandigheden ontving FLORON meer dan 1313 tellingen van plantenliefhebbers uit het hele land.

Meer informatie

  • Bekijk de volledige resultaten op floron.nl/plantenjacht. Op de interactieve kaart kun je zien welke bloeiende planten in jouw buurt gevonden zijn.

Tekst: Stef van Walsum en Laurens Sparrius, FLORON
Foto header: madeliefje door Huig Bouter

Tellen-tellen-tellen – nog meer tellen?

Jazeker, want meten is weten. Het IHC-bos mag niet worden bebouwd. Dat was reden voor een klein feestje, maar we zijn er nog niet. De eigenaar wil er wel van af. Er spelen kinderen, er ­wandelen ­volwassenen met hun hond. En het stormt regelmatig. Er moet een vorm van extensief beheer komen waarbij ­risico’s worden onderkend en aangepakt. Er gaan dingen veranderen maar de vorm waarin is nog koffiedik kijken. Eén ding is ­zeker: het mag niet ten koste van de rijkdom aan broedvogels gaan. Er is al een mooie reeks aan jaren geteld, en deze gezellige tellers zoeken versterking. Loop gewoon eens mee? We garanderen een rijke ervaring! Benieuwd? Informatie: Joke Colijn, j.j.colijn@gmail.com 06 44744408.

Reserve-bezorgers Waardvogel

Bij elkaar bijna 30 vrijwilligers zetten zich in voor de bezorging van ruim 1.000 Waardvogels. Daarmee vormen zij een essentiële schakel tussen de redactie en de leden.

Vijf keer per jaar ploft hij op de mat: de Waardvogel. Een bezorger in jouw wijk is hiervoor bij je aan de deur geweest.
Zonder hen zou de contributie ruim twee keer zo hoog moeten zijn vanwege de almaar stijgende portokosten. Maar, ook bezorgers zijn wel eens niet beschikbaar op het moment dat de nieuwe Waardvogel verschijnt, en dan is het heel fijn als een vervanger klaar staat.
Daarom: wil jij ons meehelpen bij de verspreiding van ons blad? Dat kan op invalbasis, het kan ook voor permanent.
Zet jij je een paar uur in voor het leesplezier van tientallen leden en voor het betaalbaar houden van de contributie? Voor verdere informatie, neem asjeblieft contact op met de redactie van de Waardvogel: Joke Colijn en Maria Kuijf.

Werkgroep Landschapsonderhoud mikt op versterking


Om de twee weken in het winterseizoen is de knotgroep van de landschapswerkgroep actief op zaterdagochtend. Lekker buiten bezig in het landschap onder deskundige leiding. Ook fruitbomen komen aan de beurt. Frits legt graag uit hoe het team werkt. Doe je mee? Of wil je meer informatie? Mail of bel Frits Hemerik, fhemerik@gmail.com, 06-53839968.